In deze streek stond het leven vaak in het teken van veen en turfwinning waardoor uiteindelijk de Reeuwijkse Plassen zijn ontstaan. Dat is de rode draad in het museum, waarover ook een uitgebreid diaklankbeeld in de filmzaal vertoond wordt.

Documentatie

Nel van der Bas vertelt hoe het museum tot stand kwam tijdens een rondgang langs de verschillende stijlkamers en op de royale zolder die als documentatiecentrum is ingericht. Daar staan aan de ene kant de computers van de genealogen, aan de andere kant die voor de beeldcollectie, met daartussen lange boekenkasten en een ouderwetse leestafel. Elk weekeinde van april tot december is het museum, en daarmee de bibliotheek, geopend. Nel van der Bas zorgt er voor het fotoarchief.

De collectie omvat zo’n 5000 beelden, die allemaal zijn gescand en beschreven. Soms van originele foto’s en ansichtkaarten, soms van kopieën, soms van materiaal dat zij mochten lenen van de eigenaren. De scans zijn niet alle even goed van kwaliteit, de vorige scanner had bijvoorbeeld geen moiréreductie waardoor oude scans soms ontsierd worden door lelijke rasterpatronen. Waar mogelijk worden zulke plaatjes opnieuw gescand.

Van alle beelden zijn afdrukken of kopieën thematisch gerangschikt in albums die door bezoekers doorgebladerd kunnen worden. Originele oude afdrukken en ansichtkaarten die voor verzamelaars waarde hebben zijn veilig opgeborgen en in de boeken zitten hiervan kopieën. Waardevol materiaal wordt niet speciaal verzameld, het gaat om de afbeelding. Wie iets specifieks zoekt kan dat via de database doen.

De beeldcollectie bevat veel materiaal over de omgeving, waaronder (historische) luchtfoto’s, die tezamen met de kaarten en historische atlassen documenteren hoe het veen- en plassengebied in de loop der tijd is veranderd, wat interessant is voor onderzoek naar streekgeschiedenis.

Schoolreünies

Een ander zwaartepunt zijn de groepsfoto’s. Enkele jaren geleden is de oudheidkamer begonnen systematisch oude klassenfoto’s (van voor de Tweede Wereldoorlog) te verzamelen en beschrijven; daarvan hebben ze er nu zo’n 1000. Nel van der Bas legt uit hoe zij van elke groepsfoto een ‘nummerfoto’ maakt: een versie waar op alle personen een nummer is geplaatst, zodat ze gemakkelijk te benoemen zijn. Het computerprogramma verbindt de foto en de namenlijst, voor de map worden ze dan op één vel samengebracht.

Voor klassenfoto’s bezoekt de werkgroep bijvoorbeeld schoolreünies. Daar scannen ze ter plekke oude klassenfoto’s, en leggen contact met mensen die informatie over foto’s kunnen completeren. Naast schoolfoto’s verzamelen ze ook groepsopnamen van sportclubs, zangverenigingen, evenementen en dergelijke. Familiefoto’s van een groepsgebeuren dat iets vertelt over familieverhoudingen -trouwerij, doop- worden ook in het archief opgenomen, net als familiefoto’s die informatie leveren over bijvoorbeeld een ambacht, of een oud voertuig, of een gebouw. Het gemiddelde vakantiekiekje valt af, er wordt serieus gewerkt aan de fotocollectie en dat betekent ook dat niet alles kan worden opgenomen.

25-jarig jubileum

Het streekmuseum heeft een uitgebreide website, die zojuist vernieuwd is, met het oog op de viering van hun 25-jarig bestaan, maar de beeldbank zal daar niet in z’n geheel op komen te staan. Wel een aantal foto’s die een indruk geven van de collectie en die zoveel mogelijk belangstellenden er toe moeten bewegen een bezoek aan het documentatiecentrum te brengen. Bezoekers zijn voor het museum immers van levensbelang, en bovendien is daar behalve foto’s ook veel andere informatie die relevant is voor het complete verhaal.

Zeer veel genealogische informatie bijvoorbeeld, met 150.000 namen in de computer en honderden complete stambomen digitaal of op papier, met reeksen banden met kopieën van doop-, trouw- en begrafenisgegevens uit Reeuwijk en omgeving, met genealogische handboeken en tijdschriften, publicaties over de geschiedenis van de streek en archiefmateriaal.

Adlib en Fotobase

De hele collectie van de oudheidkamer, van nieuwsbrief tot rookgerei, is opgenomen in Adlib, dat voor hen bijzonder geschikt is omdat je er zowel museumobjecten als publicaties in kunt beschrijven. Voor de fotocollectie wordt echter een ander programma gebruikt, Fotobase, speciaal ontwikkeld voor historische verenigingen door Joop van der Meer. Het heeft snufjes die voor hun werk onontbeerlijk zijn, zoals de koppeling van namenlijsten aan nummerfoto’s. Ook is het mogelijk bij te houden welke foto’s gebruikt zijn in de eigen publicaties, zodat je gemakkelijk een selectie van nieuwe plaatjes voor een tentoonstelling of een nieuw fotoboek kunt maken. Door een aparte genealogische module kun je van namen van de personen op foto’s direct naar hun stamboom springen..

Het programma heeft een eenvoudige interface die je gemakkelijk kunt aanpassen, met onder andere een lang tekstveld, voor als je extra informatie over een foto wilt opnemen - iets wat bij historische verenigingen dikwijls speelt. De velden zijn gedefinieerd op basis van de 5 kernvragen: wie, wat, waar, waarom, wanneer? Voor sommige velden wordt de invoer gecontroleerd door keuzelijsten. De leden van de werkgroep kunnen elk op hun eigen computer gegevens invoeren, die worden dan via een export samengebracht op de centrale computer.

Cursussen voor anderen

In Reeuwijk hebben ze de genealogiemodule niet geactiveerd, maar dat is alleen omdat ze de genealogische gegevens al in ProGen hebben staan. Nel van der Bas is een zeer enthousiaste gebruiker van FotoBase, niet in de laatste plaats vanwege de persoonlijke ondersteuning van de maker. Van der Meer woont tegenwoordig in Thailand maar onderhoudt via email het contact met de historische verenigingen die het programma gebruiken (rond de 15, vooral in Zuid-Holland). Als gebruiker van het eerste uur geeft Nel van der Bas regelmatig cursussen over FotoBase en heeft daarvoor zelf lesmateriaal gemaakt.

Het Erfgoedhuis Zuid-Holland, dat de cursussen organiseert, werkt nu met Joop van der Meer aan een verbinding tussen FotoBase en het web, zodat gebruikers binnen FotoBase plaatjes kunnen aanvinken voor publicatie die dan direct vanuit het programma op een gezamenlijke website worden geplaatst. Een aantal historische verenigingen doen mee met de tests. Nel van der Bas is wel benieuwd of de verenigingen en oudheidkamers inderdaad enthousiast hun foto’s op een gedeeld platform zullen gaan presenteren.

Foto's van alle Reeuwijkers?

Wat er uit Reeuwijk op komt te staan is nog niet besloten. Ze hebben in elk geval genoeg om uit te kiezen en verwachten ook geen problemen over rechten. Als mensen foto’s aanbrengen, dan gaan ze ervan uit dat ze geen bezwaar hebben tegen (her)gebruik. Misschien, denkt Nel van der Bas, dat er nu met internet wat anders tegenaan gekeken wordt en het beter zou zijn expliciete afspraken te maken.

Voor gedrukte uitgaven gebruiken zij zelf de foto’s niet veel: in de ‘Reeuwijkse Reeks’. werd historisch onderzoek gepubliceerd, maar na twintig deeltjes is de reeks beëindigd omdat er geen leden meer zijn die schrijven over de lokale geschiedenis. Het museum publiceert alleen nog een nieuwsbrief, om de ongeveer 500 donateurs te informeren. Beheer van het museum, genealogisch onderzoek, en het documentatiecentrum zijn nu de belangrijkste activiteiten.

Ideaal zou zijn om van alle Reeuwijkers een foto in de collectie te hebben; gecombineerd met de genealogische gegevens is dan de hele geschiedenis van de inwoners gedocumenteerd. Of die foto’s nog bestaan is natuurlijk maar de vraag, en het is ook lang niet altijd mogelijk personen met zekerheid te identificeren en te verbinden met de juiste naam in de genealogische bestanden -denk maar aan bijnamen, of verschillende versies van voornamen. Misschien is het wat hoog gegrepen, maar er komt nog steeds nieuwe informatie boven tafel en voorlopig blijven ze in die richting werken.

________

Streekmuseum Oudheidkamer Reeuwijk
http:/www.streekmuseumreeuwijk.nl/


< Ravenstein ____________________________________ Wijchen >

Vroeger is van ons - interviews over historische fotocollecties